Prijs 2018 van Instituut Danone : Does size matter? Een weergave van porties en impact op de voedselconsumptie van jonge kinderen.

Samenvatting
In 2018 reikte het Instituut Danone een prijs uit ter ondersteuning van een onderzoeksproject op het gebied van voeding en het aanmoedigen van een betere levensstijl. Goele Aerts won de prijs voor haar werk over hoe porties worden weergegeven en hun impact op de voedselconsumptie van jonge kinderen. Goele Aerts is doctoraatsstudent Sociale Wetenschappen aan de Universiteit van Leuven. Hier vindt u een samenvatting van haar onderzoek.

Abstract: Portiegroottes en verpakkingsgroottes van voeding lijken steeds maar toe te nemen, de consument blijft als het ware nu niet meer op zijn of haar honger zitten. Die groei leidt bovendien tot meer voedselconsumptie wat een factor zou kunnen zijn die bijdraagt aan de obesitas-epidemie. Deze groter dan geschikte voedingsmaten worden gezien als consumptienormen en worden meestal gebruikt voor de promotie van ongezond voedsel dat gericht is op kinderen. In een veldexperiment met 24 jonge kinderen over smeerpasta verpakkingen, ontdekten we dat kinderen meer smeerden wanneer ze de verpakking met een grote afgebeelde suggestie (d.w.z. een dikke laag smeerpasta) zagen dan wanneer ze die met een normale suggestie zagen. Ze smeerden bovendien meer van de choco dan van de smeerkaas. Wanneer we naar de suikers in de smeerpasta kijken, vinden we dat enkel bij de consumptie van choco kinderen meer smeren bij het zien van een dikke laag dan een normale laag. Onze bevindingen wijzen op de noodzaak van een regelgeving omtrent subtielere verpakking cues.

 

What and how much to eat? Dit is een vraag die men dagelijks stelt en bij die beslissing brengen consumenten vaak een aantal omgevingscues mee in rekenschap. Één van de meest toegankelijke cues is de portie of de verpakking waarvan men eet, want de grootte ervan geeft weer hoeveel gepast of normaal is om te eten. In andere woorden, portie en verpakkingsgroottes gaan door als consumptienormen, men eet zoveel als de norm bepaalt en die norm kan aangegeven worden door de hoeveelheid van een suggestie, namelijk de portiegrootte. Eerder onderzoek suggereerde reeds dat het aanbieden van grote porties leidt tot meer voedselinname, zelfs bij jonge kinderen.

 

Deze studie wilt dit idee uitbreiden naar portiegroottes afgebeeld op verpakkingen, voedingsproducenten kunnen namelijk heel eenvoudig de suggesties aanpassen aan de hand van portie afbeeldingen aan de voorkant van een verpakking. Kinderen baseren zich vaak op deze afbeelding aangezien ze de nutritionele waarde op het etiket nog niet kunnen lezen. Ons eerder onderzoek toonde ook al dat de afbeeldingsgrootte van een kom ontbijtgranen kinderen hun consumptie van cornflakes beïnvloedde, kinderen aten namelijk meer wanneer die afbeelding groter was. We toonden ook recent aan dat kinderen meer snacks eten uit een grotere verpakking en dat dit effect zich vooral voordoet wanneer de snack ongezond is. Dit betekent dat kinderen beïnvloed worden door subtiele portie cues en dat dit leidt tot overeten.

 

In deze studie onderzoeken we of kinderen meer smeren op het eerste sneetje brood en op het totale aantal sneeën wanneer ze worden blootgesteld aan grotere afgebeelde portiesuggesties dan normale portiesuggesties op de verpakking van smeerpasta’s. Bovendien verwachten we dat ze meer smeren van de minder gezonde chocopasta dan de smeerkaas. Tot nu toe vertoonden voorgaande onderzoeken inconsistenties in de effecten van portiegroottes per type van voedsel. Daarom dat we in dit onderzoek ook mogelijke wisselwerkingen tussen portiegroottes en soort smeerpasta nagaan, is het bijvoorbeeld dat een verandering in portiegrootte op de verpakking enkel werkt voor choco en niet voor smeerkaas?

 

Om deze onderzoeksvraag te testen, zetten we een experimentele studie op, waarin we keken naar de invloed van zowel een suggestieve portiegrootte (normaal of groot) afgebeeld op de verpakking en het soort smeerpasta (smeerkaas of choco), zie figuur. We contacteerden verschillende kleuterscholen in Vlaanderen met de vraag om deel te nemen. Ouders kregen een brief mee naar huis en dienden toestemming te geven alvorens hun kind kon deelnemen. We hebben dit experiment in een gecontroleerde omgeving uitgevoerd, namelijk in kleine groepjes in de eetzaal op school om afleiding te limiteren. In totaal deden 24 kinderen mee waarvan 13 meisjes, de gemiddelde leeftijd van de deelnemende kinderen was ongeveer zes jaar oud. De kinderen namen deel aan de vier ochtendsessies, hun smeerpasta consumptie werd dus gemeten voor alle sessies. Dit betekent dat ze blootgesteld werden alle mogelijke combinaties van afgebeelde portiegrootte en soort smeerpasta. De sneetjes brood samen met de pot smeerpasta werden geserveerd per kind, daarnaast kreeg ieder ook zijn of haar eigen bord en mes. Alle potten waren gevuld met 200 gram, vier verschillende labels werden gecreëerd die verschilden in de soort en dikte van de laag smeerpasta. In de normale portie conditie was de laag smeerpasta ongeveer 15 gram (dit is de aanbevolen hoeveelheid volgens de nutritionele labels) en in de grote portie conditie bedroeg de laag ongeveer 75 gram, dit is vijfmaal zoveel en is gebaseerd op de hoeveelheid die vaak wordt afgebeeld op verpakkingen van smeerpasta’s.

 

Kinderen die een pot kregen met een dikke laag op de afbeelding, bleken hun boterham duidelijk rijkelijker te beleggen dan kinderen die een normale laag voor zich zagen. Meer bepaald vonden we dat er vooral effecten te vinden zijn wanneer ze hun eerste snee beleggen. Kinderen smeren beduidend meer van de choco en van de smeerkaas in gram op hun boterham als ze een grote afgebeelde suggestie zien op een verpakking dan wanneer die suggestie een normale grootte heeft. De resultaten lieten ook zien dat kinderen meer choco dan smeerkaas in gram smeerden. Echter, wanneer we keken naar de suikerwaarde in de smeerpasta, leek het effect van portiegrootte zich enkel voor te doen bij de chocopasta. Kinderen aten dus enkel beduidend meer van de chocopasta wanneer de afbeelding groter was dan normaal.

Conclusie

Deze studie toont aan dat subtiele cues op verpakkingen een effect hebben op het eetgedrag van jonge kinderen en benadrukt het belang van vervolgonderzoek. Op basis van deze bevindingen blijkt ook een duidelijke reglementering nodig te zijn die afgebeelde portiegroottes afstemt op wat voedingswaardetabellen als normale porties aanduiden. Daarnaast zouden portie-suggesties ook meer moeten worden ingezet bij gezonde voeding, iets wat vandaag zelden tot nooit gebeurt.